Terwijl brandstofprijzen blijven stijgen, komen er vanaf 2026 weer kansen bij om elektrische mobiliteit goedkoper te maken. Met de invoering van RED3 en de aangepaste Regeling energie vervoer verandert de systematiek achter het inboeken van elektriciteit ingrijpend. Dat klinkt technisch, maar de impact is concreet: het nieuwe systeem met ERE-certificaten (ERE-E) biedt mogelijkheden om meer waarde te halen uit elke geladen kilowattuur.

In ons artikel van vorig jaar legden we al kort de basics uit van dit systeem en de verwachte veranderingen. Nu er meer duidelijkheid is, duiken we er verder in.

Voor laadpaalexploitanten, vlooteigenaren, bouw- en logistieke partijen, én in toenemende mate ook voor particulieren, kan het nieuwe systeem een structurele verbetering van de financiële opbrengst betekenen. De Nederlandse Emissieautoriteit (NEa) en inboekdienstverleners hebben hun systemen ingericht; het nieuwe register opent naar verwachting in mei of juni 2026.

Wie tijdig inspeelt op deze wijzigingen, blijft niet alleen voldoen aan de nieuwe regels, maar kan ook financieel voordeel realiseren. In dit artikel zetten we de belangrijkste veranderingen onder RED3 op een rij en laten we zien wat dit betekent voor jouw organisatie of laadlocatie.

In het kort: wat verandert er vanaf 2026?

  • Zelfstandig inboeken kan alleen als je aan de drempelwaarde van 2 miljoen kWh voldoet.
  • De inboekdienstverlener wordt geïntroduceerd als mogelijke inboeker van elektriciteit. Deze boekt namens klanten elektriciteit in, waardoor afzonderlijke partijen niet zelf aan de drempelwaarde hoeven te voldoen.
  • De systematiek verschuift van energiesturing naar ketenemissiesturing: HBE’s verdwijnen, elektriciteit krijgt een eigen eenheid (ERE-E) en de berekening van de opbrengst per kWh elektriciteit voor vervoer verandert.
  • Sectorsturing: ERE-E is alleen verhandelbaar binnen de sector waarin deze ontstaat (land / binnenvaart / zeevaart).
  • Nieuwe en gewijzigde bestemmingen: elektriciteit voor mobiele (bouw)machines en pleziervaart wordt vanaf 2026 inboekbaar, walstroom kan tot en met 2029, en inboeken voor luchtvaart is vanaf 2026 niet meer mogelijk.
  • Strengere kaders voor 100% hernieuwbare elektriciteit.
  • Meetketen: constructies met een MID-meter buiten de laadpaal krijgen een overgang in 2026, maar zijn vanaf 1 januari 2027 niet meer toegestaan.

Sectorsturing: ERE-E is niet ‘vrij’ inzetbaar

Door sectorsturing wordt ERE-E per sector uitgegeven: voor wegvervoer in de sector land, voor binnenvaart in de sector binnenvaart en voor zeevaart in de sector zeevaart. ERE-E is alleen verhandelbaar binnen de sector waarin deze is ontstaan. Dat betekent dat ERE’s uit land niet meer kunnen worden ingezet voor binnen- of zeevaart en omgekeerd.

De reden voor deze wijziging is dat het energieverbruik en de volumes die per sector worden ingeboekt sterk verschillen. Met name binnenvaart en zeevaart kennen grote volumes, wat in het verleden leidde tot prijsdruk. Door sectorsturing ontstaan gescheiden markten per sector, die beter aansluiten bij de eigen emissiereductieopgave. Voor het wegvervoer (sector land) kan dit betekenen dat de waarde van ERE-E toeneemt. Hoeveel de ERE-E voor deze sector precies gaat opleveren, is afhankelijk van de grillen van de markt. Met de huidige waarde kan de inkoopprijs van elektriciteit voor een groot deel gedekt worden.

Het nieuwe systeem met ERE-certificaten (ERE-E)

Nieuwe bestemmingen (en beperkingen) voor elektriciteit

De NEa maakt een aantal wijzigingen heel concreet:

Mobiele (bouw)machines

Vanaf 2026 kan elektriciteit voor mobiele (bouw)machines worden ingeboekt onder de sector land. Hieronder vallen: mobiele werktuigen, landbouwtrekkers, bosbouwmachines en (opvallend genoeg) pleziervaartuigen. Overigens betekent dit niet dat alle elektriciteit op de bouwplaats zomaar ingeboekt kan worden: de meetinrichting moet aan strenge eisen voldoen, de aansluiting moet op naam van de inboeker staan en stationaire machines, installaties en batterijcontainers zijn uitgesloten. Wel is elektriciteit voor verwisselbare accu’s die exclusief worden ingezet voor machines of voertuigen, inboekbaar. Wie hierover vragen heeft of wil nagaan of een specifieke situatie in aanmerking komt, kan contact opnemen met de Nederlandse Emissieautoriteit (NEa).

Walstroom en dokstroom (scheepvaart en luchtvaart)

Omdat grote scheepvaart en luchtvaart nog niet of nauwelijks elektrische aandrijving kent, en wal- en dokstroom daarom voornamelijk voor boordsystemen wordt gebruikt, gaan de regels hiervoor veranderen. Walstroom voor zee- en binnenvaartschepen blijft inboekbaar tot en met 2029. Daarna is dit niet meer toegestaan. Voor dokstroom voor luchtvaartuigen geldt deze uitsluiting per direct.

De drempelwaarde en de opkomst van de inboekdienstverlener

Zelfstandig inboeken: drempel (voorgenomen) 2 miljoen kWh

Vanaf 2026 kun je alleen zelfstandig inboeken als je aan de drempelwaarde voldoet. Deze drempel wordt vastgesteld op 2 miljoen kWh. Als je in een jaar niet voldoet, kan na jaarafsluiting de rekening worden gesloten en moet je het jaar erop via een inboekdienstverlener inboeken.

Inboekdienstverlener: aggregatie voor bedrijven én huishoudens

De inboekdienstverlener wordt in 2026 geïntroduceerd als mogelijke inboeker van elektriciteit. Zij kunnen geaggregeerd voor meerdere ondernemers en particulieren elektriciteit inboeken, waardoor zij gezamenlijk de drempel kunnen halen en kosten voor administratie en audits gedeeld kunnen worden. Inboekdienstverleners moeten ook de drempel van 2 miljoen kWh halen, óf minimaal 200 machtigingen hebben.

Ook particulieren kunnen via een inboekdienstverlener kWh’s inboeken die via een ingebouwde MID-meter in het laadpunt zijn gemeten. Omdat het aantonen van gebruik van eigen opwek ondoenlijk is voor particulieren via inboekdienstverleners, wordt uitgegaan van netstroom bij de berekening van de ERE’s.

Wij zien al diverse marktpartijen die zich deze rol aanmeten: inmiddels zijn zo’n 21 inboekdienstverleners geregistreerd bij de NEa met uiteenlopende proposities en verdienmodellen. Waar de één meer op grote logistieke partijen focust, richt de ander zich op particulieren. Marges verschillen per klantgroep en vaak wordt bijvoorbeeld volumevoordeel of staffelkorting aangeboden. Particulieren kunnen rekenen op zo’n 15-25% afdracht.

Red 3 update: aanscherping 100% hernieuwbare elektriciteit

  • Vanaf 2026 is 100% hernieuwbare inboeking alleen mogelijk via twee routes: levering via een directe lijn, of opwek op dezelfde locatie (WOZ-object).
  • In beide gevallen geldt de eis van Garantie van Oorsprong (GvO) niet-netlevering.
  • Er mag geen exploitatiesubsidie zijn ontvangen voor de betreffende elektriciteit.
  • Bepaalde bronnen zijn uitgesloten: elektriciteit uit bijvoorbeeld biomassa/biogas kan vanaf 2026 niet meer als 100% hernieuwbaar worden ingeboekt.

Voor organisaties met (toekomstige) laadlocaties of elektrificatieprojecten:

Praktische checklist

  • Breng volumes in kaart: haal je (straks) de 2 miljoen kWh-drempel of is samenwerken met een inboekdienstverlener logischer?
  • Wanneer je veel op verschillende locaties laadt of gebruik maakt van batterijcontainers (bijvoorbeeld aannemersmaterieel), maak een kosten-batenafweging om te beoordelen of een andere laadstrategie loont (bijvoorbeeld wisselaccu’s).
  • Check je meetketen: staat de MID-meter op/in de laadpaal (of heb je een exclusief bemeterd allocatiepunt)? Let op de overgang in 2026 en de deadline 1-1-2027.
  • Bepaal je ‘bestemming’: wegvervoer, binnenvaart, zeevaart, mobiele machines, walstroom—en verwerk sectorsturing in je opbrengsten/contracten.
  • Kies je route naar 100% hernieuwbaar (of accepteer netgemiddeld): regel GvO’s en voorkom conflictsituaties met exploitatiesubsidies.
  • Leg afspraken vast: wie krijgt de waarde van ERE-E (site-eigenaar, CPO, vervoerder, aannemer), en wie draagt risico’s bij audits/handhaving?

Hoe EVConsult helpt

EVConsult helpt organisaties om de stap van ‘regelgeving begrijpen’ naar ‘kansen verzilveren’ te maken, onder andere met:

  • Impact op businesscase (laadinfra, bouwplaatsen, logistieke hubs),
  • Praktische stappenplannen, handreikingen en afwegingen,
  • Keuzes rond inboekdienstverlener en inrichting van processen,
  • Eisen voor bemetering, data en contracten (incl. sectorsturing),
  • Voorbereiding op 2026/2027-deadlines en praktische implementatie.

Wat betekent RED3 voor jouw organisatie?

Wil je weten wat RED3 concreet betekent voor jouw laadlocaties, vloot of (bouw)projecten, en hoe je de waarde van ERE-E goed verdeelt in contracten? Neem contact op met Irene voor een eerste verkenning.