fbpx

In de Nationale Agenda Laadinfrastructuur is afgesproken dat alle gemeenten dit jaar een visie en plaatsingsbeleid hebben opgesteld zodat laadinfrastructuur geen beperkende factor is bij de transitie naar elektrisch vervoer. Op die manier kan heel Nederland in 2050 emissievrij rijden.

Een laadvisie beschrijft de ambities en strategie van de gemeente voor een toereikend laadnetwerk voor elektrische vervoer. In het plaatsingsbeleid geeft de gemeente aan hoe ze de visie uit gaat werken. Bij elkaar geven deze documenten aan wat, waarom en hoe de gemeente omgaat met het nieuwe thema ‘laadinfrastructuur’ (bron: NAL).

Door de snelle ontwikkelingen op het gebied van elektrisch vervoer en laadinfrastructuur en de relatief nieuwe vragen die hierbij komen kijken, staan gemeenten voor een grote uitdaging. Laadconsulenten zijn een belangrijke schakel in de transitie naar een emissievrije wereld, omdat ze met de juiste kennis gemeenten kunnen voorzien van optimale adviezen voor het plaatsen van laadpalen of het opstellen van een strategie. Steden in de randstad liggen aardig op koers om deze doelen te behalen, maar hoe zit dat in Overijssel en Gelderland?

Landelijke en regionale ambities

Onderzoek laat zien dat er verspreid over Nederland 1,8 miljoen laadpunten nodig zijn, waarvan 514.000 in de publieke ruimte. De Rijksoverheid stelt dat het aan de gemeenten is om ervoor te zorgen dat dit openbare laadnetwerk er komt. Dat is logisch, want gemeenten zijn verantwoordelijk voor het beheer van de openbare ruimte. Openbare laadpunten worden veelal in opdracht van gemeenten en/of provincies door de markt geplaatst en beheerd. Die zijn in de beste positie om ervoor te waken dat de kwaliteit voldoet, publieke doelen worden bereikt en de tarieven eerlijk en betaalbaar  zijn.

Om de doelstellingen van het klimaatakkoord te behalen, is elektrisch vervoer een belangrijk onderdeel. De Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) is onderdeel van het Klimaatakkoord en de gemeenten spelen hier een belangrijke rol in aangezien de laadvraag deels in de publieke ruimte is. Binnen de NAL zijn samenwerkingsregio’s ontstaan en elke samenwerkingsregio heeft een Regionale Aanpak Laadinfrastructuur (RAL). Dit is het werkplan van de samenwerkingsregio’s. Voor Gelderland-Overijssel is dat de GO-RAL. Hierin staat welke ondersteuning de regio biedt aan gemeenten. Denk hierbij aan aanbestedingen, laadconsulenten, ondersteunende diensten, maar ook handreikingen en kennis om de integrale laadvisie en plaatsingsbeleid te vereenvoudigen voor gemeenten.

Als laadconsulent is het van belang om gemeenten te ondersteunen en te stimuleren om invulling te geven aan de doelstellingen uit de NAL. Een van de ambities is ervoor zorgen dat 95 % van de gemeenten in Gelderland en Overijssel in 2023 aangesloten zijn bij de GO-RAL en deelnemen aan de kennis- en informatieverdeling over de uitrol van laadinfrastructuur binnen de provincie. Een ander doel is om ten minste 5 van de 8 regio’s van de samenwerkende gemeenten binnen de GO-RAL op reguliere basis op regionaal niveau te spreken.

“Als laadconsulent van de regio Twente heb ik nauw contact met een of meerdere beleidsmedewerkers van iedere gemeente. Daarnaast organiseer ik 6-wekelijks een regio overleg zodat beleidsmedewerkers ook van elkaar op de hoogte zijn wat er op het gebied van laadinfra speelt bij buurgemeenten.” aldus Lies van den Eijnden.

 

De voortgang van de ambities van GO-RAL op 1 februari 2022. Bron: GO-RAL

Opschaling en nieuwe systemen in Oost-Nederland

Recentelijk is de aanbesteding voor laadpalen in de openbare ruimte in Oost-Nederland naar Vattenfall InCharge gegaan. Met deze aanbesteding ondersteunen de provincies de gemeenten bij de aanleg van voldoende laadpalen om de groei bij te houden. Alle Overijsselse en Gelderlandse gemeenten doen mee aan deze nieuwe concessie en hiermee worden de komende jaren enorme stappen gezet met het creëren van een dekkend netwerk. Alle aan de concessie deelnemende gemeenten hebben door middel van plankaarten geschikte locaties voor publieke laadpunten aangewezen. Plankaarten geven inzicht waar de behoefte aan laadpalen ontstaat, en wijst daar alvast geschikte locaties voor aan. Het opstellen van plankaarten vraagt een nadrukkelijke inspanning van de gemeente. Door dit voorbereidende werk van gemeenten kan plaatsing versneld worden. Vraagt iemand een laadpaal aan, dan kan de locatie in de plankaart aangewezen worden. Bovendien wijzen gemeenten locaties op de plankaart aan waar laadpalen vooruitlopend op de vraag al worden geplaatst. Op die manier kunnen gemeenten in provincies Overijssel en Gelderland proactief laadpalen plaatsen zodat er kan worden voldaan aan de laadbehoefte die er is en de komende jaren gaat komen in de regio.

Gemeenten zijn ook druk bezig om verder te kijken dan alleen de realisatie van regulier publieke laadpunten voor personenvervoer. Laadconsulenten krijgen steeds meer vragen over thema’s als logistiek- en snelladen, laadpleinen, de realisatie van laadinfra in (publieke) parkeergarages en bij VvE’s. Dit weerspiegelt dat gemeenten verder kijken dan alleen het laden van elektrische auto’s in de publieke ruimte. Ze zijn ook plannen aan het maken voor de realisatie van laadinfra voor andere modaliteiten. Want ook daar gaat elektrificatie hard. Denk aan elektrische stadslogistiek, doelgroepenvervoer, taxi’s en bussen.

Daarnaast maken deelnemende concessie gemeenten gebruik van een nieuw aanvraag en monitoringssysteem van EVtools. EVtools levert slimme softwareoplossingen en data die het plannen, realiseren en beheren van elektrische laadinfrastructuur vergemakkelijken. Ook zijn er steeds meer gemeenten die een laadvisie en plaatsingsbeleid hebben vastgesteld en regionaal samenwerken. Oost-Nederland komt steeds dichter bij haar doelen.

 

Overzicht van de ontwikkeling van het aantal reguliere laadpunten en snellaadpunten in Gelderland en Overijssel over de periode november 2020 tot november 2021. BRON: GO-RAL

Oost-Nederland ten opzichte van de Randstad

In het Oosten van het land is de toegang tot private laadinfrastructuur over het algemeen hoger. In de Randstad hebben minder mensen een eigen oprit of prive parkeerplaats, daardoor ligt de nadruk op laden in de openbare ruimte. In de Randstad is de concentratie van kantoren ook veel groter terwijl er en in Oost-Nederland verhoudingsgewijs meer gezinswoningen zijn. Dit contrast maakt duidelijk dat er een groot verschil is in laadlocaties tussen Oost-Nederland en bijvoorbeeld Amsterdam. Dat heeft uiteraard ook impact op de strategie van de regio.

Lies van den Eijnden is consultant bij EVConsult en vanuit die rol was ze van januari 2021 t/m juli 2022 laadconsulent bij de provincie Overijssel.